Soms is er geen oplossing. En dat is gewoon kut.

Persoonlijk · Rouw · Herstel

Soms is er geen oplossing. En dat is gewoon kut.

Wat als je hulp zoekt omdat je je lichter wilt voelen en uiteindelijk vooral te horen krijgt dat je al ongeveer doet wat verstandig is?

Van hulpvraag naar vijf intakes

Ik begon hier met een simpele hulpvraag: ik wil van dat zware gevoel af. Ik wilde meer ruimte in mijn hoofd en minder het gevoel dat alles steeds nét te veel weegt. Dus ging ik naar de huisarts. Van daaruit kwam ik bij CGT terecht. Daar had ik weinig aan, dus vroeg ik zelf om een verwijzing voor schematherapie. Mijn gedachte was vrij simpel: als dit aan de oppervlakte niet verandert, moet ik misschien dieper kijken.

Ik verwachtte twee intakegesprekken, één met de schematherapeut en één met de psychiater. Dat werden er vijf. Eerst sprak ik de schematherapeut, daarna de psychiater, vervolgens de schematherapeut en traumapsycholoog samen, daarna alleen de traumapsycholoog en vervolgens opnieuw hen samen. Uiteindelijk bespraken zij hun bevindingen met de psychiater, mijn hoofdbehandelaar. Uit al die gesprekken kwam een opvallend eensluidend beeld. Het zware gevoel dat ik ervaar past volgens hen heel goed bij wat er in relatief korte tijd allemaal is gebeurd. Ik heb nauwelijks herstelruimte gehad, omdat het ene probleem het andere opvolgt. Daardoor blijf ik schakelen, regelen, oplossen en overeind houden. Dat lukt me rationeel goed, maar emotioneel komt alles harder binnen omdat er simpelweg weinig ruimte over is.

Ze zien een stevige persoonlijkheid, iemand die veel kan dragen. Alleen is mijn emotionele reserve op dit moment simpelweg kleiner geworden.

Daarbij speelt rouw om iemand die veel voor mij betekende. Volgens mijn behandelaren kan die rouw langer duren dan ik van mezelf gewend ben, juist omdat de betekenis van die persoon groter was. Dat klinkt logisch wanneer iemand het zegt, maar ergens verwacht je van jezelf toch dat je op een gegeven moment weer door moet kunnen. Verlies laat zich alleen niet inplannen, zeker niet wanneer er daarnaast nauwelijks lege ruimte is om überhaupt te herstellen.

Wat ik opvallend vond, is dat zelfs schematherapie inmiddels ter discussie staat. Ik vroeg daar juist zelf om, omdat ik dacht dat ik misschien iets over mezelf miste. Een patroon, een blinde vlek, iets waardoor ik in dat zware gevoel bleef hangen. De behandelaren zien alleen dat ik zelf al behoorlijk goed in beeld heb hoe ik ben gevormd, waarom bepaalde dingen me raken en welke ervaringen invloed hebben gehad op hoe ik reageer. Inzicht is natuurlijk niet hetzelfde als verwerking, maar het roept wel de vraag op hoeveel er nog te winnen valt door maandenlang opnieuw te gaan graven. Daarbij vinden ze dat ik me tijdens die gesprekken juist opvallend kwetsbaar heb opgesteld, bereid ben om naar mezelf te kijken en mijn eigen aandeel prima durf te onderzoeken.

Misschien zit het probleem helemaal niet in een gebrek aan inzicht.

Als een situatie ineens je karakter wordt

In dezelfde periode begon ik anders naar een aantal vriendschappen te kijken. Een vriendin die mij al lang kende, begon mijn huidige problemen steeds meer te koppelen aan mijn karakter. Mijn strijdbaarheid werd conflict zoeken, mijn zelfstandigheid werd geen advies aannemen, mijn behoefte om context te geven werd een waterval aan woorden en mijn loyaliteit werd zelfs verdacht gemaakt. Eigenschappen die jarenlang gewoon onderdeel van mij waren geweest, kregen ineens een negatieve betekenis nu mijn eigen leven veel ruimte innam.

Dat raakte mij veel harder dan een simpel meningsverschil, omdat er voor mij een groot verschil zit tussen iets vinden van iemands keuzes en conclusies trekken over iemands karakter. Je mag vinden dat jij een conflict eerder zou loslaten, dat jij andere keuzes zou maken of dat ik mezelf soms te lang ergens in vastbijt. Daar kan ik prima tegen. Het wordt iets anders wanneer iedere keuze vervolgens wordt gebruikt als bewijs voor wie ik als mens blijkbaar ben.

Er zit voor mij een belangrijk verschil tussen strijd kiezen en strijd aangaan.

Voor de ene persoon is een probleem iets waarvan je zegt: ik ga hier mijn energie niet aan verspillen, ik kijk weg en ga verder. Soms lost iets zichzelf op, soms accepteer je gewoon dat de uitkomst niet ideaal is. Dat kan prima werken. Voor een ander raakt diezelfde situatie aan onrecht, loyaliteit, verantwoordelijkheid of integriteit. Als je dan wegkijkt, weet je ook dat er waarschijnlijk nooit een resultaat komt dat aansluit bij wat jij belangrijk vindt. Dat laatste herken ik bij mezelf. Ik zoek een strijd niet per se op, maar als iets wezenlijks raakt aan mijn waarden, ga ik hem wel aan.

Dat zijn verschillende manieren om met situaties om te gaan. Mijn probleem ontstaat wanneer iemand zijn eigen manier tot meetlat verheft en mijn manier vervolgens psychologisch gaat duiden, zeker wanneer ik helemaal niet om hulp heb gevraagd. Ik heb niemand gevraagd mijn problemen op te lossen, mijn strijd over te nemen of mijn leven voor mij te dragen. Dus als jij vindt dat ik andere keuzes had moeten maken, prima. Maar flikker dan ook op met het personifiëren van die keuzes alsof ze bewijzen dat er iets mis is met mij. Helemaal wanneer jij jarenlang zelf vaak om hulp vroeg, ik die hulp uit liefde en loyaliteit gaf en daar achteraf van wordt gemaakt dat ik daar kennelijk “goed op ging”. Ik kon iets onverstandig vinden en toch naast iemand blijven staan. Voor mij is dat loyaliteit.

Daar zit voor mij de grens.
Je mag een andere keuze maken. Je mag iets niet begrijpen. Je mag afstand nemen. Alleen hoef je mij niet kleiner te maken om jouw grens te rechtvaardigen.

Wat het ingewikkelder maakte, was dat een andere vriendin mij juist in die zware periode pas echt beter leerde kennen. Zij kende mij al langer oppervlakkig, maar kwam pas dichtbij toen mijn leven volledig in de kreukels lag. Daarbij leerde ze mij niet blanco kennen. De vriendin die al steeds negatiever naar mij was gaan kijken, had haar beeld van mij al met haar gedeeld. Zij kreeg dus niet alleen mijn zwaarste versie te zien, maar ook meteen een interpretatiekader mee. Als je vooraf hoort dat iemand conflict zoekt, valt iedere strijd ineens op. Als je hoort dat iemand niet luistert, wordt iedere eigen keuze bewijs dat advies wordt afgewezen. Als je hoort dat iemand dingen wegduwt, wordt iedere rationele reactie gezien als vermijding.

Zij zag mij vervolgens vooral als iemand die dingen wegduwde, niets aannam en zelf strijd koos. Volgens haar stond ik weinig open en zou schematherapie waarschijnlijk ook niet werken omdat ik toch niet wilde luisteren. Juist daarom vond ik het contrast met de behandelaren zo opvallend. Waar zij zag dat ik niets toeliet, vonden de therapeuten juist dat ik me bijzonder kwetsbaar opstelde. Waar zij dacht dat ik nergens voor openstond, zagen zij iemand die bereid was zichzelf serieus te onderzoeken. Waar zij dacht dat schematherapie niet zou werken omdat ik niet zou luisteren, vragen de behandelaren zich inmiddels juist af of die therapie überhaupt nodig is.

De vrienden die mij écht al lang kennen, herkenden juist grotendeels hetzelfde beeld als de behandelaren.

Zij zien dat ik nu zwaarder reageer dan normaal, maar kennen ook mijn lichtere kant: druk, ondernemend, grappig, eigenwijs, loyaal en prima in staat om dingen te relativeren. Zij kunnen daardoor beter onderscheiden wat bij mij hoort en wat bij deze periode hoort. Dat verschil heeft mij veel geleerd. Sommige mensen maakten van mijn gedrag een karakterverhaal. Een ander nam dat verhaal deels over en zag vervolgens vooral wat daarin paste. Mijn behandelaren en de mensen die mij over langere tijd kennen, plaatsten hetzelfde gedrag veel meer in context.

Authenticiteit · Integriteit · Compassie De waarden waar ik me aan vast wil houden

Volgens mijn behandelaren leef ik die waarden ook daadwerkelijk. Ik probeer trouw te blijven aan wie ik ben, verantwoordelijkheid te nemen en compassie te houden, ook wanneer ik boos of teleurgesteld ben. Daar zit soms ook pijn in. Als loyaliteit voor jou belangrijk is, komt gebrek daaraan harder binnen. Als integriteit belangrijk is, kan gemakzucht je behoorlijk teleurstellen. Als compassie vanzelfsprekend voelt, is het soms moeilijk te begrijpen hoe makkelijk anderen over iemand heen kunnen stappen.

Mijn behandelaren gaven juist aan dat ik me aan die waarden mag vasthouden en dat ze ook richting geven aan wie ik dichtbij wil hebben. Een vriend hoeft mijn keuzes niet goed te vinden en hoeft niet alles te begrijpen. Grenzen mogen er zijn. Alleen hoeft jouw grens niet te worden onderbouwd door mij kleiner te maken. Je kunt zeggen dat je ergens geen ruimte voor hebt zonder mij tot “te veel” te verklaren. Je kunt zelf een strijd niet voeren zonder van mij iemand te maken die conflict zoekt. Je kunt mijn keuze niet begrijpen zonder daaruit te concluderen dat ik niet luister.

Mensen mogen hun beeld houden. Ik hoef er alleen niet meer in te wonen.

En dan blijkt het antwoord gewoon: tijd

Volgens mijn behandelaren doe ik op dit moment ongeveer wat zij zouden adviseren. Meer rust nemen, afstand houden van mensen die vooral oordelen, onderscheid maken tussen bruikbare feedback en projectie en mijn aandacht richten op mensen die dichter bij mijn waarden staan. En daar zit dus mijn frustratie, want dat doe ik al.

Ik ben naar de huisarts gegaan, heb CGT geprobeerd, aangegeven dat het niet hielp, zelf om een andere route gevraagd, vijf intakegesprekken doorlopen en me kwetsbaar opgesteld tegenover verschillende behandelaren. Uiteindelijk krijg ik te horen dat mijn reactie begrijpelijk is, dat ik mezelf behoorlijk goed ken en dat tijd en ruimte waarschijnlijk belangrijker zijn dan nóg harder aan mezelf werken.

Misschien is dat zware gevoel soms gewoon wat er gebeurt wanneer een mens moe is van heel veel brandjes blussen.

Ik heb iemand verloren die ontzettend veel voor me betekende, ik maak me zorgen om mensen van wie ik hou en ik heb langdurig moeten vechten rondom werk, zorg en andere problemen. Er is verdriet, frustratie en weinig echte herstelruimte. Dat is waarschijnlijk een prima verklaring, maar god, wat is het onbevredigend als je oorspronkelijke vraag gewoon was: hoe krijg ik dit zware gevoel weg?

Ik begrijp rationeel waarom ik me voel zoals ik me voel. Ik kan rust pakken, grenzen stellen, leuke dingen plannen en mensen loslaten die mij geen goed doen. Maar soms wil ik gewoon dat iemand tegenover me zit en zegt: hier, dit is de oplossing. Doe drie weken dit en dan is het weg. Neem iedere ochtend één tablet met een glas water en binnen veertien dagen voelt alles twintig procent lichter.

Dieper graven kan misschien ooit zinvol zijn, maar mijn behandelaren vragen zich af of dit daarvoor het juiste moment is. Therapie kan dingen losmaken waarvan je vooraf niet weet hoeveel ruimte ze gaan innemen en mijn emmer zit al behoorlijk vol. Misschien is het dus niet zo slim om nu enthousiast met een schep te gaan kijken wat er nog onderin ligt. Dus misschien pauzeren we zelfs even. Ik dacht zelf: CGT werkt niet, dus dan gaan we dieper. Vijf intakes later is de conclusie ongeveer dat ik misschien juist even níét dieper hoef.

Ze verwachten dat wanneer een aantal grote problemen wegvalt, er vanzelf meer ruimte ontstaat. Dat leuke dingen, mijn opleiding, ontwikkeling en fijne mensen weer meer energie gaan geven en dat ik daardoor vanzelf weer meer emotionele ruimte krijg. Ik snap dat en ik geloof ze ook. Ik vind het alleen gewoon kut.

Want soms wil je geen verklaring, maar verlichting. Je wilt niet horen dat rouw tijd nodig heeft, je wilt weten hoeveel tijd. Je wilt geen compliment omdat je je zo goed staande houdt, je wilt wakker worden zonder dat loden gevoel.

Waarschijnlijk is tijd nu het antwoord.
Maar een pilletje was echt een stuk makkelijker geweest.
Terug naar blog