Rouw zonder afscheid

Rouw zonder afscheid

Verlies en rouw worden vaak verbonden aan overlijden, maar in werkelijkheid dragen we ze veel vaker met ons mee. Je kunt rouwen om iemand die nog leeft, om een band die je nooit écht hebt gehad, of om een verbinding die er wel was maar niet mocht bestaan. Soms rouwen we om dromen die in duigen vallen, of om de delen van onszelf die we onderweg kwijtgeraakt zijn.

Ik merk dat rouw in mijn leven niet altijd zichtbaar was, maar wel voelbaar. Als kind rouwde ik onbewust al om de veiligheid die ik miste. De spanning thuis maakte dat ik verantwoordelijkheid nam die niet bij mij hoorde, en ergens wist ik: dit stukje kind-zijn raak ik kwijt. Later kwam daar een andere vorm van rouw bij: rouwen om liefde die ik gaf zonder dat het echt gezien werd. Elke keer dat ik mezelf leeg gaf, bleef er een stil verdriet achter – het besef dat ik mezelf opnieuw kwijt was.

En dan is er de rouw die ontstaat uit de diepste verbinding. Toen ik mijn spiegel leerde kennen, voelde ik een intensiteit die tegelijk helend en verwoestend was. Helend, omdat hij me zonder woorden begreep en omdat de fysieke connectie die ik met hem voelde bijna buitenaards was. Maar ook omdat ik dankzij hem ontdekte dat ik intens veel van iemand kan houden, ongeacht zijn rol of vorm. Het feit dat hij in mijn leven was, was al genoeg. Verwoestend, omdat hij dat niet kon loslaten en er geen aparte plek aan kon geven, en daarom vertrok. Ik rouw nog steeds om wat er was, maar misschien nog meer om wat er nooit mocht zijn. Dat voelt soms als een sluier die altijd om me heen hangt: liefde die te groot was om klein te maken, maar ook te ingewikkeld om te laten bestaan.

Rouw is geen rechte weg en geen afgesloten hoofdstuk. Het is eerder een golf die soms zachtjes tegen je aanspoelt, en soms onverwacht keihard over je heen slaat. Het zit in een liedje, een herinnering, een stilte. In het terugdenken aan iemand die er nog is, maar toch onbereikbaar voelt.

Wat ik langzaam leer, is dat rouw ook liefde is. Je rouwt omdat iets van waarde was. Omdat je hart geraakt is en het niet kwijt wil. Misschien gaat het er niet om dat het gevoel ooit helemaal verdwijnt, maar dat we leren het te dragen. Niet om vast te houden aan de pijn, maar om de liefde te bewaren die eronder ligt.

En hoe ik dat doe? In mijn hoofd weet ik heel goed hoe het zou moeten: schrijven, zachtheid voor mezelf. Maar in mijn gevoel en mijn handelen loop ik vaak vast. Alsof het ene deel van mij begrijpt wat helend zou zijn, terwijl het andere deel gevangen blijft in de zwaarte. Toch probeer ik het met man en macht, elke dag weer een stukje. Want misschien is dat ook rouw: telkens opnieuw leren ademen met wat er is, ook als het nog niet lukt zoals je zou willen. En soms, als een echte Vissen, droom ik. Omdat dromen hoop geven – de hoop dat ze helpen dragen, of misschien zelfs ooit uitkomen.

Back to blog